Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Omhoog
Aanmelden

Ons onderwijs

  • Voor de Ziep is het begrip 'transitie' de rode draad in en het belangrijkste principe van ons onderwijsaanbod. Transitie betekent letterlijk 'overgang'.

Transitie

Transitie is de overgang van school naar de naschoolse situatie. We richten ons onderwijs in op een zo naadloos mogelijke overgang van school naar de toekomst.

Onze visie: plezier, passie en prestatie

  • We stemmen ons onderwijs af op de wensen, de behoeften en mogelijkheden van de leerling. We richten het zo in dat de leerling een ononderbroken ontwikkelingsproces doorloopt. Hierbij zijn drie begrippen belangrijk:
  • Plezier: Wat doe je graag? Wat doe je het liefst? Wat gaat je moeiteloos af? Met plezier gaat het leren gemakkelijker.
  • Passie: Waar loop je warm voor, word je enthousiast van? Wat zijn je interesses, je dromen? Passie motiveert en is de persoonlijke kracht van onze jongeren.


Prestatie: Wat kan je? Waar ben je trots op? Wat zijn je talenten?
Een mooie prestatie is een belangrijke factor voor succes. Voor leerlingen en team geldt: Fantastische prestaties vereisen passie en plezier in werken!

Arbeidstoeleiding en stage

Binnen De Ziep is arbeidstoeleiding een centraal thema. Arbeidstoeleiding is het begeleiden van leerlingen naar een passende arbeidsplaats of naar dagbesteding. Aangezien voor veel leerlingen het voortgezet speciaal onderwijs eindonderwijs is, wordt er veel geïnvesteerd in het voorbereiden op een toekomstige werkplek. Dit gebeurt al in de onderbouw. Daar volgen leerlingen tijdens de vormingsfase theoretische vakken en praktijkvakken. Vanaf fase twee worden de leerlingen ingedeeld in een interne stage binnen school. Daarna worden ook stages buiten de school gezocht. Binnen het uitstroomprofiel arbeid is het aanbieden van stages verplicht. Binnen het uitstroomprofiel dagbesteding kúnnen stages aangeboden worden. Dit is afhankelijk van de leerroute en mogelijkheden van de leerling. Na deze stages wordt samen met de medewerkers van het stagebureau gezocht naar een passende werkplek.

Onderwijsbehoeften staan centraal

Afstemming van het onderwijs op de onderwijsbehoeften van leerlingen staat bij ons centraal. Zo zorgen we ervoor dat iedereen passend onderwijs ontvangt en zicht optimaal kan ontwikkelen op basis van zijn mogelijkheden en talenten. Op basis van de ontwikkelingsmogelijkheden en kansen van de leerling vraagt de leraar zich handelingsgericht af wat deze leerling de komende periode nodig heeft om bepaalde doelen te bereiken. Deze manier van werken noemen wij de 1-zorgroute.

De 1-zorgroute

De route is flexibel en kan per leerling aangepast worden. Daarnaast is het één duidelijke onderwijs- en begeleidingsroute. De kern van de 1-zorgroute is de cyclus van handelingsgericht werken met groepsplannen. Deze route maakt duidelijk wie wat doet en waarom.

Parallelgroepen

Het voortgezet speciaal onderwijs is verdeeld in 3 bouwen, de onderbouw, de middenbouw en de bovenbouw. Een groep telt gemiddeld 12-14 leerlingen.
De leerlingen zitten in parallelgroepen; de mentor begeleidt de leerling meerdere jaren. De mentoren werken samen met een team van specialisten.
Het voortgezet speciaal onderwijs duurt gemiddeld 8 jaar, van 12 – 20 jaar.

Didactisch handelen

De teamleden stimuleren de leerlingen tot denken en realiseren een taakgerichte werksfeer. De leraren stemmen de instructies en verwerking af op de onderwijs-, en zorgbehoefte van de leerling. We gebruiken speciale onderwijsmethoden en maken gebruik van de leerlijnen voor speciaal onderwijs.
Veel aandacht is er voor het gebruik van de computer bij de lessen en voor het omgaan met multimedia. We beschikken over een internetcafé en voldoende digitale schoolborden door de gehele school.

Handelingsgericht werken

Het handelingsgericht werken helpt ons om leerlingen met verschillende onderwijsbehoeften het onderwijs te bieden dat ze nodig hebben. Voor de mentor is het belangrijk dat het proces van waarnemen, evalueren, begrijpen, plannen en realiseren zich voortdurend herhaalt.

Opbrengstgericht werken

Binnen onze school werken teamleden opbrengstgericht aan de ontwikkeling van leerlingen. Zo worden de mogelijkheden van elke leerling optimaal benut. Dit houdt in dat wij doelen stellen, ons handelen daarop afstemmen, de opbrengsten systematisch meten, deze gegevens analyseren en het proces zo nodig bijsturen.
Het team werkt nauw samen, zodat de begeleiding en zorg zo veel mogelijk op de individuele leerling afgestemd kan worden. Binnen de leerlingenzorg kennen we interne leerlingbesprekingen en de groepsbesprekingen met de mentor en intern begeleider. Ook wordt twee keer per jaar de groep van uw zoon of dochter besproken in het bijzijn van de mentor en de intern begeleider. Als het nodig is, schuiven er ook andere teamleden aan.

Ontwikkelingsperspectiefplan (OPP)

Dit document beschrijft voor een periode van gemiddeld vier jaar de ontwikkelingsmogelijkheden voor uw zoon of dochter. Het OPP is het uitgangspunt van ons onderwijs en zegt iets over het verwachte uitstroomprofiel. Hierbij is ook aandacht voor de bevorderende en belemmerende factoren die de ontwikkeling en het leren beïnvloeden. Omdat de onderwijsbehoeften in beeld zijn gebracht, kunnen we ook het lesaanbod afstemmen op de leerlingen. De Commissie voor de Begeleiding stelt voor iedere leerling het ontwikkelingsperspectiefplan vast en volgt gedurende de schoolperiode of de leerling zich ontwikkelt volgens dit perspectief.

Groepsplannen

De mentor stelt elk half jaar doelen op voor de lessen op basis van de leerroutes van de leerlingen. Hij bundelt deze doelen tot een groepsplan. In de groepsplannen staat welke leerlingen in een groep aan dezelfde doelen werken, hoe de instructie en organisatie verlopen en met welke middelen en methoden er gewerkt wordt.
De leraren delen in overleg met de intern begeleider de groepen in. Dat wordt gedaan aan de hand van onder andere de leerresultaten, het leertempo, de instructiebehoefte enzovoort. Om de ontwikkelingen en resultaten en Cito-scores van de leerlingen vast te leggen, maken wij gebruik van een digitaal Maatwerk Leerlingvolg Systeem (MLS).

Handelingsplan

Voor iedere leerling wordt in augustus een handelingsplan opgesteld. In het plan staan de doelen beschreven van het onderwijsaanbod voor de periode van een half jaar. De handelingsplannen worden jaarlijks in augustus en februari en juni met ouders en leerlingen besproken. In februari is de evaluatie. Aanpassingen en eventuele nieuwe doelen worden in het plan opgenomen. De leerling wordt ook zelf uitgedaagd mee te denken over zijn eigen ontwikkelingsproces en toekomstperspectief. In juni is er opnieuw een evaluatie. De opbrengsten en de nieuwe doelen uit het laatste plan dienen als beginsituatie voor het handelingsplan in augustus. Deze cyclus wordt elk jaar doorlopen.

Commissie voor de Begeleiding

Afhankelijk van de hulpvraag kan een leerling besproken worden tijdens de vergadering van de Commissie voor de Begeleiding (CvdB). Deze commissie is verantwoordelijk voor de leerlingenzorg en geeft adviezen aan de intern begeleider, leraren en teamleden over de begeleiding van de leerlingen op school. De informatie naar ouders hierover verloopt via de mentor of intern begeleider. De commissie komt driemaal per maand bijeen onder voorzitterschap van de directeur. Andere leden zijn de orthopedagoog, de teamleider, de intern begeleiders en op verzoek kunnen ook de jeugdarts, maatschappelijk werker, medewerkers van het stagebureau of leerlinggebonden personeel voor het overleg uitgenodigd worden.

Ons Onderwijs

:

Help (nieuw venster)